Biografie

Friso ten Holt krijgt vanaf zijn 15e jaar in Bergen (NH) zijn eerste tekenlessen van zijn vader Henri ten Holt, als voorbereiding op het toelatingsexamen voor de Rijksacademie in Amsterdam.

Op de Rijksacademie vervolgt hij zijn opleiding en leert dan vooral goed kijken en verhoudingen zien. Hij schrijft in een brief aan zijn jeugdvriend David Kouwenaar dat hij daar zijn hele leven dankbaar voor is gebleven.

Vlak voor de Tweede Wereldoorlog keert hij terug naar Bergen om in een eigen atelier te gaan te schilderen. De invloed van de Franse schilder Cézanne op het werk van Ten Holt is dan al aanwezig. Deze invloed is voor hem een les in “anders kijken“. Hij zegt daarover: “de achtergrond van het stilleven heeft in kleur evenveel belang als de appel op de voorgrond, de dingen gaan hun belang verliezen.

Na een studieverblijf van een halfjaar in Concarneau, Frankrijk, in 1953, samen met zijn gezin, breekt een periode aan waarin Ten Holt een ontwikkeling doormaakt die uiteindelijk leidt tot een eigen vrijheid en handschrift, waarin heldere kleuren, opvallend kleurgebruik en een hoge mate van abstractie, centraal staan. Zelf zegt hij, als hij zijn ontwikkeling beschouwt, dat “de lijnen, het grafisch element, overbodig worden, dat figuren vlekken worden, vlekken in golven overgaan, dat hij streeft naar een „voortdurend evenwicht tussen abstractie en inhoud.” De invloed van het kubisme is in veel van zijn werk terug te vinden.

Ten Holt wordt wel tot de ‘gematigde modernisten’ gerekend, schilders die twintigste-eeuwse stijlen en technieken toepasten, maar toch ook vasthielden aan academische conventies.

Abbestede 1 – ca 1970 – (foto: Friso ten Holt jr.)

Op het buurtschap Abbestede gelegen tussen Callantsoog en Groote Keeten, koopt de familie Ten Holt in 1955 met het eerst verdiende geld een oud landarbeidershuisje. Later blijkt deze omgeving met het strand, de zee en het achterland een belangrijke inspiratiebron voor ten Holt te worden.

Hij schrijft dan in een brief aan een goede vriend: “In 1960 heb ik eindelijk het gevoel persoonlijk betrokken te zijn geraakt bij de zee, het strand, de luchten, de paarden en de personen die zich hier bevinden. Deze ervaring is lichamelijk en het schilderen zelf wordt voor mij meer dan ooit een fysiek gebeuren “.

Als Friso ten Holt in de jaren ’60 veel succes heeft in Engeland met schilderijen als de “Zwemmers” , “mensen op het strand” en “liggende naakten”, gaat het hem financieel voor de wind. Hij koopt het pand aan de Keizersgracht in Amsterdam, dat de familie Ten Holt tot dan toe huurde.

In 1969 wordt hij hoogleraar op de Rijksacademie van beeldende kunsten te Amsterdam.

In 1984 gaat Friso met zijn vrouw Vica definitief wonen en werken in Callantsoog. De behoefte om in alle rust te kunnen schilderen maakt dat hij de Engelse hectiek vanaf dat moment achter zich laat. Hij voelt zich erkend en werkt aan een ontspannen oeuvre waarbij het omliggende landschap van Callantsoog in al zijn wisselende facetten centraal staat. Contacten met dorpsgenoten, zoals Ab Roos en Teun Mooij, de ijsvereniging het Zwanenwater, de dames van de aquarelclub en leerlingen van de Rijksacademie op buitenstudie in Callantsoog, verrijken zijn blikveld.


In zijn verbouwde atelier, de voormalige woning van Ab Roos, schildert en aquarelleert Friso ten Holt tot hij op de leeftijd van 76 jaar overlijdt in 1997.